Welkom op de website van "Thijs van de Toren"  
Marken, 14 november 1839


In 1817 gaf de koning toestemming voor het sluiten van een onderhands contract voor aanbesteding van reparaties aan de vuurtoren op Marken en voor de levering van benodigde materialen,

In 1817 werd NLG 350,- beschikbaar gesteld dat bestemd was voor een hogere loopplank of brug om bij hoog water de vuurtoren te kunnen komen.

Vanaf 1 januari 1817 was C. Nooitgedacht  aansteker van het vuur op Marken voor een salaris van NLG 195,- per jaar.

Over de periode van 1819 tot 1820 ontving C. Hottentot een gratificatie van NLG 70,- per jaar voor het opzichtouden over ’s Land Werken, vuren en de vuurtoren op Marken.

In 1824 spoelden uit de woning van vuurtoren aansteker C. Nooitgedacht de inboedel weg.

In 1832 werden er de nodige reparaties uitgevoerd aan de vuurtoren.

In 1836 werd NLG 2.750,- beschikbaar gesteld voor herstel van de stenen buitenglooiing.

In 1838 werd de directeur-generaal van Marine gemachtigd NLG 18.200,-- uit te geven voor het slopen van de oude toren tot één meter boven de begane grond en voor de bouw van een geheel nieuwe toren en van een wachterwoning. Op de toren moest  voor NLG 3.450,-  door Maritz en Zn. te leveren catadioprtiek lichttoestel van de vierde grootte naar Fresnel en een lantaarn geplaatst worden.

Op 20 juni 1839 legde kapitein-luitenant ter Zee Jhr. Herman Adr. Van Karnebeek, tijdelijk onderinspecteur van het Loodswezen te Amsterdam, de eerste steen.

Het licht werd op 14 november 1839 voor de eerste maal ontstoken.